Onderzoeksprijs voor Christel Middeldorp
01/01/2012
De European Psychiatric Association heeft Christel Middeldorp (werkzaam aan de VU bij de afdeling Biologische Psychologie) uitgeroepen tot winnaar van het beste artikel van 2011 in de categorie ‘Clinical psychopathology and refinement of psychiatric diagnoses’. De prijs is bestemd voor psychiaters aan het begin van hun carrière.
In het artikel getiteld ‘The genetic association between personality and major depression or bipolar disorder. A polygenic score analysis using genome wide association data’ laat Middeldorp zien dat neuroticisme en depressie deels door dezelfde genetische risicofactoren worden bepaald, evenals extraversie en bipolaire stoornissen. Zij maakte hiervoor gebruik van data verzameld bij het Nederlands Tweelingen Register (NTR) en de Netherlands Study of Depression and Anxiety (NESDA). Middeldorp werkt ook als kinder- en jeugdpsychiater bij GGZ inGeest en als Universitair Docent bij de afdeling kinder- en jeugdpsychiatrie van het Academisch Medisch Centrum.
Genen ontdekt die bloedplaatjes beïnvloeden
08/12/2011
Een internationaal team van wetenschappers heeft 68 nieuwe genetische locaties ontdekt die van invloed zijn op de grootte van en het aantal bloedplaatjes. Lees hier meer.
De Telegraaf interviewde professor Boomsma over het onderzoek.
Dorret Boomsma neemt KNAW-Merianprijs in ontvangst
17/11/2011

- (Foto: Jet Heyse)
Donderdag 17 november ontving tweelingonderzoekster Dorret Boomsma de KNAW Merianprijs, de grootste Nederlandse prijs voor vrouwen in de wetenschap. Boomsma, hoogleraar biologische psychologie aan de VU houdt zich bezig met de vraag naar de invloed van erfelijke factoren en de invloed van opvoeding en omgeving op ons gedrag en onze gezondheid. Tweelingen vormen een ideale bevolkingsgroep voor dit soort onderzoek.
Dorret Boomsma ontving in het Amsterdamse Trippenhuis de KNAW Merianprijs voor vrouwen in de wetenschap uit handen van KNAW-president Robbert Dijkgraaf.
De prijs, mogelijk gemaakt door SNS REAAL Fonds, bestaat uit een geldbedrag van 50.000 euro en een speciaal ontworpen sieraad. De speech die werd uitgesproken bij de uitreiking kunt u hier lezen.
Er is ook een video gemaakt, getiteld 'Tweelingen maken het verschil' over het onderzoek van Dorret Boomsma.
Naar aanleiding van de uitreiking van de KNAW Merianprijs plaatsten diverse regionale kranten een interview met Dorret Boomsma. Klik hier om het interview te lezen.
Bijna alle aspecten van de ontwikkeling van IVF en natuurlijke tweelingen zijn vergelijkbaar
Onderzoekers van het Nederlands Tweelingen Register (NTR) hebben bij een groot aantal tweelingparen de ontwikkeling vergeleken van tweelingen geboren na kunstmatige voortplantingstechnieken en tweelingen waarbij de zwangerschap op natuurlijke wijze tot stand is gekomen. Uit het onderzoek van de onderzoekers van de Vrije Universiteit Amsterdam blijkt dat IVF-tweelingen het net zo goed doen als natuurlijke tweelingen
1500 tweelingen
In het onderzoek zijn de geboorte, groei, motorische- en gedragsontwikkeling van 1500 tweelingparen door IVF (kunstmatige voortplanting door zogenaamde in-vitrofertilisatie) vergeleken met tweelingen geboren na een spontane zwangerschap. De gegevens over de kinderen zijn afkomstig van hun ouders en leerkrachten.
Hoger risico op complicaties
VU-hoogleraar Dorret Boomsma: “Bestaande onderzoeken over de ontwikkeling van IVF-kinderen zijn vooral gericht op eenlingen. Een aanzienlijk deel van de IVF-behandelingen resulteert echter in een tweelingzwangerschap. We weten al dat tweelingzwangerschappen een hoger risico op complicaties kennen dan eenlingzwangerschappen. Daarom is het belangrijk om te onderzoeken hoe de ontwikkeling van twee- en meerlingen geboren na IVF verloopt.”
Enkele verschillen
De onderzoekers vonden wel enkele verschillen: IVF-tweelingen werden vaker geboren na een keizersnede (36%) dan spontane tweelingen (27%). Ook zijn IVF-tweelingen na de geboorte iets lichter. De belangrijkste uitkomst van het onderzoek is echter dat de ontwikkeling van IVF-tweelingen hetzelfde is als die van ‘spontane’ tweelingen. De leeftijd waarop kinderen gaan kruipen, zitten en lopen is vergelijkbaar tussen de twee groepen. Ook de groei tot en met 12-jarige leeftijd is hetzelfde. Zowel ouders als leerkrachten rapporteren niet meer gedrags- en emotionele problemen voor IVF-tweelingen dan voor de tweelingen in de natuurlijke groep.
Zie ook het artikel Comparison of Naturally Conceived and IVF-DZ Twins in the Netherlands Twin Registry: A Developmental Study.
Tweede KNAW Merianprijs voor tweelingonderzoekster Dorret Boomsma
06/10/2011
De Akademie kent de KNAW Merianprijs voor vrouwen in de wetenschap dit jaar toe aan prof. dr. Dorret Boomsma, hoogleraar Biologische Psychologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Zij houdt zich bezig met de vraag of genetische verschillen bijdragen aan verschillen in gezondheid en gedrag.
De prijs, mogelijk gemaakt door SNS REAAL Fonds, bestaat uit een geldbedrag van 50.000 euro en een speciaal ontworpen sieraad.
In haar onderzoek analyseert Boomsma de individuele verschillen in normaal en afwijkend gedrag, gezondheid en denken. Tweelingen vormen de ideale bevolkingsgroep voor dit type onderzoek, waarin vragen centraal staan als: in hoeverre is intelligentie erfelijk bepaald? Welke rol speelt erfelijke aanleg bij het ontstaan van migraine? Zijn depressies erfelijk bepaald? Hoe gevoelig is iemand voor verslavingen? Boomsma startte in 1987 met het inschrijven van tweelingen in het Nederlands Tweelingen Register. Dit register telt inmiddels de gegevens van meer dan 80.000 deelnemers (tweelingen en hun familieleden). Het geldt momenteel als een van de grootste en meest waardevolle tweelingenregisters ter wereld.
Vanaf 1998 is Boomsma werkzaam als hoogleraar. Zij bouwde haar onderzoeksgroep aan de Vrije Universiteit uit van twaalf tot ruim vijftig onderzoekers. Inmiddels wordt Boomsma beschouwd als wereldleider op het gebied van het tweelingonderzoek en gedragsgenetica. Met een sleutelpositie op het snijvlak van gedragswetenschappen en genetica en met een zeer exacte insteek is zij een uitstekend voorbeeld van een wetenschapper die succesvol werkzaam is in meerdere disciplines.
"Op grond van haar indrukwekkende wetenschappelijke carrière alleen al kan Dorret Boomsma worden beschouwd als een inspirerend rolmodel voor jonge veelbelovende onderzoekers binnen en buiten haar onderzoeksomgeving", zo schrijft de jury in haar rapport. "Zij heeft aan de wieg gestaan van de ontwikkeling van haar vakgebied. Mede door haar zichtbaarheid trekt de studie psychologie vandaag de dag jaarlijks vele vrouwelijke studenten aan."
De prijs
In voorjaar 2009 stelde de KNAW, daarin gesteund door SNS REAAL Fonds, de KNAW Merianprijs in om de zichtbaarheid van vrouwelijke wetenschappers te bevorderen en de deelname van vrouwen in de Nederlandse wetenschap te stimuleren. De Akademie kent de KNAW Merianprijs elke twee jaar toe aan een vrouwelijke wetenschapper in Nederland, die excellent onderzoek verricht binnen de alfa/gamma wetenschappen (2009) dan wel de bètawetenschappen (2011).
Psychologe Naomi Ellemers won in 2009 de eerste KNAW Merianprijs.
De prijs bestaat uit 50.000 euro te besteden aan wetenschappelijke doeleinden. Daarnaast ontvangt de laureaat een sieraad, speciaal ontworpen door kunstenares Aimee Rhemrev.
Naamgeefster van de prijs is Maria Sibylla Merian (1647-1717). Deze Duitse kunstenares en geleerde deed ontdekkingen aan planten en insecten en maakte daar gedetailleerde tekeningen van. Hiermee leverde ze een belangrijke bijdrage aan de entomologie. Haar werk is nu nog regelmatig onderwerp van kunst- en wetenschapstentoonstellingen in binnen- en buitenland.
Over SNS REAAL Fonds
Ondernemende, culturele en bijzondere sociaal-maatschappelijke initiatieven mogelijk maken. Dat is de missie van SNS REAAL Fonds. Het Fonds steunt spraakmakende grote en kleine projecten op het gebied van Kunst & Cultuur en Jongeren & Maatschappij. En wetenschaps- en educatieprojecten die met deze gebieden samenhangen. Zo biedt het Fonds aanvragers de mogelijkheid om hun ambities te verwezenlijken. In 2010 ondersteunde SNS REAAL Fonds voor ruim € 16,5 miljoen aan initiatieven.
Over de KNAW
Als forum, geweten en stem van de wetenschap bevordert de KNAW de kwaliteit en de belangen van de wetenschap en zet zij zich in voor een optimale bijdrage van de Nederlandse wetenschap aan de culturele, sociale en economische ontwikkeling van de samenleving. Als koepelorganisatie beheert de KNAW excellente onderzoeksinstituten met hun collecties en bevordert interdisciplinaire samenwerking en kennisuitwisseling.
Op de website van de KNAW vindt u een interview van Hans van Maanen met Dorret Boomsma over het tweelingenonderzoek; een gesprek over genetica en vrouwen in de wetenschap.
De kans om een tweeling te krijgen is opmerkelijk groot in Centraal-Afrika, terwijl ze in Azië juist zeldzaam zijn.
Psychologen zijn dol op tweelingen, vooral als de beide kinderen ook nog onder verschillende omstandigheden zijn opgevoed. Op die manier kunnen ze te weten komen welke eigenschappen aangeboren zijn, en welke door de omgeving ontstaan of worden gestimuleerd. In hun speurtocht naar dergelijke ‘gescheiden tweelingen’ verzamelden Jeroen Smits van de Universiteit Nijmegen en Christiaan Monden van de Universiteit van Oxford een grote hoeveelheid gegevens die ook inzicht geven in de kans op een tweeling, wereldwijd. Hun unieke ‘tweelingdatabase’ bevat informatie over 2,5 miljoen geboorten bij 1,5 miljoen moeders, in de afgelopen 25 jaar, in 76 ontwikkelingslanden.
Genetica
Daaruit blijkt dat er (in de onderzochte landen) gemiddeld 13,6 tweelingen worden geboren per duizend geboortes. Maar er zijn opmerkelijke uitschieters: in Centraal-Afrika is het aantal tweelinggeboorten meer dan 18 per duizend, terwijl dat aantal in Azië en Latijns Amerika juist erg laag ligt: altijd minder dan 10, vaak minder dan 8 per duizend. Het hoogste aantal tweelinggeboorten is te vinden in Benin: 28 tweelingen op duizend geboortes.
De invloed van de genetica op de kans op een tweeling blijkt wel uit de cijfers voor Midden-Amerika. De gegevens van Smits en Monden laten zien dat de kans op het vasteland van Midden- en Zuid-Amerika pakweg net zo laag ligt als in Azië, maar op de Caribische eilanden is de kans veel groter, met als uitschieter Haïti, met 14 tweelingen per duizend geboorten. De verklaring hiervoor moet liggen in de import van zwarte slaven in de 16e tot en met de 19e eeuw, met name naar Haïti.
Europa nam tot voor enige decennia een tussenpositie in, met tussen de 9 en 16 tweelinggeboorten per duizend. Dat aantal is echter omhoog geschoten na de introductie van vruchtbaarheidsbehandelingen, die de kans op het krijgen van tweelingen flink vergroten.
Bron: DePers.nl
Grote ontdekking voor preventie van hart- en vaatziekten
12/09/2011
Een internationale groep onderzoekers heeft een set belangrijke genen ontdekt die de bloeddruk reguleren. Deze genen voorspellen gezamenlijk niet alleen de kans op het ontwikkelen van hoge bloeddruk maar ook het risico op hart- en vaatziekten en beroerte. Deze aandoeningen vormen momenteel wereldwijd de belangrijkste doodsoorzaak. De bevindingen bieden belangrijke nieuwe aanknopingspunten voor de ontwikkeling van medicijnen. De onderzoekers publiceren hun resultaten in twee gezaghebbende internationale tijdschriften: Nature en Nature Genetics. Vanuit Nederland leverden onderzoekers van Erasmus MC in Rotterdam, Universitair Medisch Centrum Utrecht, Leids Universitair Medisch Centrum, Vrije Universiteit Amsterdam/NTR en Universitair Medisch Centrum Groningen een bijdrage aan de onderzoeksresultaten.
Wereldwijd hebben meer dan één miljard mensen te maken met een hoge bloeddruk. Boven de 60 jaar heeft 40 procent van de mensen in Nederland een verhoogde bloeddruk. De bloeddruk wordt beïnvloed door een combinatie van leefstijl en erfelijke factoren. Tot nu toe waren de erfelijke factoren die verantwoordelijk zijn voor een te hoge bloeddruk moeilijk te achterhalen. Professor Cornelia van Duijn, onderzoeksleider vanuit Nederland en genetisch epidemioloog bij het Erasmus MC: “We hebben een breed scala van aspecten van bloeddruk onderzocht, waaronder de boven- en onderdruk maar ook het verschil tussen die twee, de polsdruk. Er zijn nu meer dan 30 varianten in het erfelijk materiaal die van invloed blijken te zijn op de bloeddruk. Hoewel de afzonderlijke effecten klein zijn, is het gezamenlijk effect van de genen op de bloeddruk beduidend. De combinatie van afwijkingen bewerkstelligt een even grote verandering in de bloeddruk als een standaard medicijn tegen hoge bloeddruk.”
De onderzoeksresultaten betekenen een grote sprong voorwaarts in de kennis over de erfelijke invloed op bloeddruk. Een belangrijke bevinding is dat de genen ook van belang zijn bij mensen van Aziatische en Afrikaanse afkomst. Hoge bloeddruk komt veel voor bij deze bevolkingsgroepen. Met name bij patiënten van Afrikaanse afkomst is een hoge bloeddruk vaak lastiger te behandelen met standaard medicatie omdat andere mechanismen een rol spelen. Het onderzoek heeft nieuwe processen blootgelegd die een centrale rol spelen in de bloeddruk bij verschillende etnische groepen en biedt daarmee nieuwe mogelijkheden voor de ontwikkeling van medicijnen voor patiënten met hoge bloeddruk. Er is nog altijd een substantiële groep patiënten bij wie de bloeddruk met de nu bestaande geneesmiddelen niet goed onder controle is te krijgen. Een adequate behandeling is enorm belangrijk. Zelfs kleine verschillen in bloeddruk kunnen namelijk al het risico verhogen op het ontstaan van een beroerte of hartaanval. Van Duijn: “Hoe belangrijk de set van genen is die de bloeddruk reguleert, blijkt uit het feit dat ze gezamenlijk ook het risico bepalen op het ontstaan van hart- en vaatziekten, schade aan de wand van de linkerhartkamer en beroertes.”
De internationale groep onderzoekers uit Europa, Azië, Australië en de Verenigde Staten werken samen in het ‘International Consortium for Blood Pressure Genome-Wide Association Studies’. Het gaat om 351 onderzoekers van 234 onderzoeksinstellingen verspreid over 24 landen. Voor hun studie onderzochten zij gegevens van meer dan 270.000 personen in de zoektocht naar genetische variaties in het erfelijk materiaal die te maken hebben met het ontstaan van hogere of lagere bloeddruk.
Mogelijk nieuwe behandeling voor astma door genetische ontdekking
09/09/2011
Onderzoekers van het Nederlands Tweelingen Register (NTR) van de Vrije Universiteit Amsterdam werkten mee aan een internationale studie die twee genetische varianten in kaart bracht die van invloed zijn op astma.
De onderzoekers hebben door deze ontdekking aanwijzingen dat bepaalde medicijnen tegen reumatoïde artritis ook effectief kunnen zijn tegen astma, zo publiceren zij vandaag in het zeer prestigieuze medische tijdschrift The Lancet.
Nieuw DNA-programma op TV: 'Lang Zullen We Leven'
18/08/2011

Zondag 4 september startte op RTL 4 de nieuwe zesdelige serie Lang Zullen We Leven. In deze populair wetenschappelijke serie duikt presentator Geert Hoes in de wondere wereld van DNA.
DNA is overal. In alle planten, dieren, in onze voeding en uiteraard in ons eigen lichaam. Het is de bouwsteen van het leven. DNA bevat de unieke codes die bepalen hoe wij er uitzien en wat we kunnen. Door middel van internationaal hoogstaand DNA-onderzoek kunnen er oplossingen worden gezocht om de kwaliteit van ons leven nog te verbeteren. Geert Hoes gaat op zoek naar die oplossingen en ontdekt dat DNA-onderzoek heel veel te bieden heeft. Tijdens zijn zoektocht ontmoet Geert Hoes verschillende wetenschappers, hoort hij de verhalen van patiënten uit de eerste hand, doet hij testjes in het lab, bezoekt hij betrokken bedrijven, gaat hij de straat op om de kennis van Nederland te testen en legt hij tussendoor van alles aan de kijker uit over DNA, eiwitten en genen.
In iedere aflevering staat een specifiek thema en een daarbij horende onderzoeksvraag centraal. Zo leert Geert hoe DNA-onderzoek kan helpen bij onder andere tomaten- en aardappelenveredeling, zodat er betere en sterkere gewassen kunnen worden geteeld; maar ook hoe aan de hand van de meest innovatieve DNA- en eiwitanalyses ziekten als kanker, glutenallergie en osteoporose in de toekomst beter kunnen worden behandeld of zelfs kunnen worden voorkomen.
In Nederland wordt veel van dit onderzoek gedaan dankzij het Netherlands Genomics Initiative (NGI). Het NGI financiert en regisseert het genomics-onderzoek in Nederland. Doelstelling van NGI is om een excellente kennisinfrastructuur te realiseren die op continue basis nieuwe economische activiteiten genereert en waarvan de resultaten ten goede komen aan de samenleving. Het onderzoek is geconcentreerd in grootschalige consortia die zich richten op inhoudelijke thema's: gezondheid, voeding, duurzaamheid, technologie en maatschappelijk onderzoek, communicatie en educatie. Binnen de 16 genomics centra werken universiteiten, onderzoeksinstituten, industrie en maatschappelijke organisaties samen aan kennisontwikkeling en -toepassing. Zie voor meer informatie www.genomics.nl.
Het NTR doet mee aan onderzoek van de onderstaande consortia:
Dorret Boomsma van het Nederlands Tweelingen Register van de Vrije Universiteit kreeg van de “Brain and Behavior Research Foundation” (voorheen NARSAD) een “Distinguished Investigator” subsidie
15/08/2011

- Dorret Boomsma
Zij gaat deze subsidie gebruiken om met behulp van PALGA (de landelijke pathologie registratie) onderzoek te doen naar het verband tussen prenatale factoren bij twee- en meerlingen en latere ontwikkeling in de kindertijd. De prenatale factoren waarnaar gekeken gaat worden betreffen onder meer het delen van de placenta bij meerlingen.
Eeneiige tweelingen ontstaan uit één bevrucht ei, dat zich splitst. Er ontstaan dan twee (of soms meer) individuen. De deling kan heel vroeg of later optreden. Bij een vroege splitsing heeft ieder kind een eigen vruchtwaterholte (amnionholte) omgeven door een eigen amnion en een eigen chorion en hebben de kinderen ook een eigen placenta (moederkoek). Een laat gesplitste tweeling is net als twee-eiige tweelingen di-amnotisch en dichoriaal. In Nederland worden alle placenta's van meerlingen onderzocht door de patholoog en die gegevens zijn sinds 1990 allemaal bewaard in de PALGA database. Met behulp van deze gegevens kan men de eeneiige tweelingen indelen op verschillende momenten van splitsing (tussen de 1e en de 12e dag). Hierdoor wordt het mogelijk na te gaan wat de invloed is van vroege prenatale omstandigheden op de latere ontwikkeling van meerlingen.
Zie ook:
Klik hier om een artikel uit de Volkskrant over dit onderzoek te lezen
ERC Starting Grant voor Jacqueline Vink
03/08/2011

- Jacqueline Vink
Jacqueline Vink van het Nederlands Tweelingen Register/Vrije Universiteit Amsterdam krijgt een Starting Grant van de European Research Council (ERC). Daarmee kan ze onafhankelijk onderzoek doen en een eigen onderzoeksgroep starten of versterken.
Samenspel genen en omgevingsfactoren bij middelengebruik en verslaving
Jacqueline gaat onderzoek doen naar het samenspel van genen en omgevingsfactoren bij het gebruik van nicotine, alcohol, cafeïne en cannabis. Zij gebruikt hiervoor onderzoeksgegevens van tweelingfamilies uit het Nederlands Tweelingen Register. Met haar onderzoeksmethode kan ze onderscheid maken in de bijdrage van omgevingsinvloeden en erfelijke factoren en de interactie tussen beide. Ook gaat ze op zoek naar genen en netwerken van genen die betrokken zijn bij het gebruik van verslavende middelen. In het bloed van rokers, niet-rokers en passieve (mee)rokers zal de stof cotinine worden gemeten. Cotinine is een afbraakproduct van nicotine en weerspiegelt de hoeveelheid nicotine waaraan iemand is blootgesteld. Jacqueline Vink gaat ook onderzoeken welke gevolgen gebruik van nicotine, alcohol, cafeïne en cannabis hebben voor de gezondheid. Dit project zal leiden tot beter inzicht in de individuele verschillen in middelengebruik en het risico op verslaving.
Bepaalde genen vergroten kans op eetstoornis
30/06/2011
Rita Slof - Op 't Landt promoveerde onlangs op een onderzoek dat mede is gedaan bij NTR-deelnemers: klik hier om meer over haar onderzoek te lezen op scientias.nl of klik hier om op NU.nl meer te lezen.


