Waarom het ene kind eerder loopt dan het andere kind

 

In de eerste twee levensjaren ontwikkelt een kind zich zeer snel. Voordat een kind een jaar oud is, kan het meestal rollen, zitten en kruipen. Staan en lopen doen de meeste kinderen voordat ze twee jaar oud zijn. Wanneer deze mijlpalen worden bereikt, is voor ieder kind verschillend. Hoe de motorische ontwikkeling wordt beïnvloed door factoren als erfelijkheid, omgeving, geboortegewicht, slaappositie, houding tijdens het spelen of andere factoren, is nog steeds niet duidelijk. Veel studies hebben laten zien dat zwangerschapsduur en geboortegewicht van invloed zijn op het moment van bereiken van een bepaalde mijlpaal.

Het NTR verzamelt gegevens over mijlpalen in een vragenlijst die wordt verstuurd aan de ouders op het moment dat een tweeling twee jaar oud is. In deze lijst wordt gevraagd met hoeveel maanden de oudste en de jongste van de tweeling konden omrollen, zitten, kruipen op handen en knieën, staan en lopen zonder steun. Naast deze motorische mijlpalen wordt gevraagd naar het moment waarop het kind het eerste tandje kreeg en het eerste woordje kon zeggen.

Van ruim 10.000 tweelingparen die geboren zijn tussen 1986 en 1998 zijn gegevens verzameld over de mijlpalen. In de onderstaande tabel is weergegeven met hoeveel maanden een tweeling uit deze groep gemiddeld een bepaalde mijlpaal bereikte.

 

Mijlpaal

Omrollen

Zitten

Kruipen

Staan

Lopen

Woordje

Tandje

Leeftijd in maanden

6.5

8.5

10

12

15

13.5

8

 

Vertraging in motorische ontwikkeling

Uit dezelfde gegevens van tweelingparen, geboren tussen 1986 en 1998, blijkt dat de motorische ontwikkeling in de laatste jaren lijkt te vertragen. Zo kon bijvoorbeeld een tweeling uit 1988 gemiddeld met 11.5 maand los staan; tien jaar later, in 1998, kan een tweeling gemiddeld met 12.5 maand staan.

Een mogelijke verklaring voor de vertraging in de motorische ontwikkeling is de duur van de zwangerschap en het geboortegewicht van de tweeling. Zowel de gemiddelde zwangerschapsduur als het gemiddelde geboortegewicht zijn in de afgelopen 15 jaar gedaald bij tweelingzwangerschappen. Zo duurde een zwangerschap in 1988 nog 37 weken, in 2000 is dit gedaald tot 36.5 week. Het geboortegewicht van een tweeling daalde voor de oudste van de tweeling met 65 gram, van gemiddeld 2570 gram tot 2505 gram. Voor de jongste was de daling 40 gram van gemiddeld 2500 gram  naar 2460 gram. De daling in de duur van de zwangerschap en het geboortegewicht verklaren slechts voor een klein deel waarom de motorische ontwikkeling tegenwoordig trager verloopt.

Het zou mogelijk kunnen zijn dat de slaappositie en de houding tijdens het spelen van de baby zorgen voor een vertraging in motorische ontwikkeling. Omdat de richtlijnen voor de slaappositie van een baby rond 1990 zijn veranderd (i.v.m. de kans op wiegendood kan een baby beter op de zij of rug slapen en niet op de buik) en in de gegevens van het NTR een vertraging in motorische ontwikkeling zichtbaar is vanaf dat moment, is dit mogelijk een van de verklaringen. Het is bekend uit meerdere studies dat baby’s die veel op hun buik liggen en spelen, zich motorisch sneller ontwikkelen. Dit zou komen, doordat al erg vroeg de rugspieren sterker worden gemaakt.

 

Toekomstig onderzoek

In de toekomst willen we graag meer onderzoek uitvoeren naar de factoren die een rol spelen bij de motorische ontwikkeling op jonge leeftijd. Sinds september 2003 is er een kleinschalig onderzoek gestart. Vanaf het moment waarop een tweeling 6 maanden oud is, worden ouders, totdat hun tweeling kan lopen, maandelijks gebeld om zo zeer nauwkeurige gegevens te verzamelen over motorische mijlpalen en andere factoren. Voor dit onderzoek is het van belang dat tweelingen al snel na de geboorte (voordat ze 4 maanden oud zijn) staan ingeschreven bij het NTR. Echter, niet alle nieuw ingeschreven tweelingen kunnen meedoen aan dit onderzoek. Wel ontvangen alle ouders een vragenlijst waarin wordt gevraagd naar de motorische ontwikkeling, op het moment dat de tweeling twee jaar oud is. Voor informatie over het onderzoek kunt u altijd contact opnemen met drs. Silvia Brouwer, tel.:020-4448980/ 4448792 (secretariaat) of e-mail: si.brouwer@psy.vu.nl