Sinds 1991 wordt om de 2 jaar onderzoek gedaan naar
leefgewoonten, en naar geestelijke en lichamelijke gezondheid bij volwassen
tweelingen en hun familieleden, die staan ingeschreven bij het Nederlands
Tweelingen Register (NTR) Dit gebeurt
met vragenlijsten waarin de deelnemers wordt gevraagd naar bijvoorbeeld hun
rook- en sportgedrag, naar persoonlijkheidseigenschappen en naar lichamelijke
gezondheid en ziekten. Tussen 1991 en
2000 is al vijf keer zo’n lijst
verstuurd en zoals u elders in de Twinfo kunt lezen is de zesde vragenlijst in
de maak.
Sinds 1997 ontvangen een aantal deelnemers het verzoek
om naast het invullen van de vragenlijsten, deel te nemen aan een uitgebreider
onderzoek. Daarbij wordt gedurende een hele dag hun bloeddruk en hartslag
gemeten. Ook wordt de deelnemers
gevraagd zes keer gedurende de dag wat speeksel te verzamelen waarin het hormoon cortisol werd bepaald. Het doel
van dit onderzoek is om na te gaan wat de relatie is tussen geestelijke en
lichamelijke gezondheid. In het bijzonder wordt gekeken naar of er een verband
is tussen de gevoeligheid voor depressie en risicofactoren voor het ontstaan
van hart- en vaatziekten. Later dit jaar zal Mireille van den Berg promoveren
op de resultaten van deze studie. Die resultaten worden hier beneden samengevat
en zijn zo interessant, dat het onderzoek op dit moment wordt voorgezet met een
nieuwe groep tweelingfamilies.
Mensen die gevoelig zijn voor depressie lijken een verhoogd risico te hebben op hart- en vaatziekten. Wanneer iemand eenmaal aan hart- en vaatziekten lijdt, bijvoorbeeld een eerste hartinfarct heeft gehad, blijkt depressie het herstel te verslechteren en de kans op een nieuw infarct aanmerkelijk te verhogen. Dit kan verschillende oorzaken hebben. Een aantal daarvan is onderzocht bij tweelingfamilies. In de eerste plaats is nagegaan of mensen die gevoelig zijn voor depressie, of zelfs al een eerste depressieve periode hebben doorgemaakt, ongezonder leven en daardoor een groter risico lopen op hart- en vaatziekten. In de tweede plaats is nagegaan of lichamelijke risicofactoren voor hart- en vaatziekten mogelijk vaker voorkomen bij mensen met gevoeligheid voor depressie, bijvoorbeeld op grond van een gemeenschappelijke erfelijke aanleg.
Ongezonder leven als
gevolg van depressie
Een belangrijke gezondheidsfactor is roken. Mensen met depressieve klachten roken meer. Dit geldt met name voor vrouwen. Vrouwen die ooit depressieve klachten hebben gehad, rookten niet alleen meer, maar leken bovendien meer moeite te hebben met roken te stoppen. De meest waarschijnlijke verklaring hiervoor is dat de symptomen van een depressie verminderen door het effect van roken. Zoals bekend is roken is een van de belangrijkste factoren die het risico voor hart- en vaatziekten doen toenemen. Omdat depressieve mensen meer roken kan op deze manier een deel van het verband tussen depressie en risico voor hart- en vaatziekten worden verklaard.
Lichamelijke risicofactoren geassocieerd met depressie
Mensen die depressief zijn hebben een andere hormoonhuishouding in vergelijking met mensen die niet depressief zijn. Zo gaat depressie bijvoorbeeld samen met een hoger cortisolniveau. Cortisol is een van de belangrijkste stresshormonen in het lichaam. Het speelt een centrale rol bij de effecten van stress op de lichamelijke gezondheid: een chronisch verhoogd cortisol niveau doet bijvoorbeeld de hartslag en de bloeddruk stijgen. In het onderzoek werden daarom uitgebreide metingen van de hartslag en de bloeddruk gedaan. Deze lieten zien dat de bloeddruk inderdaad verhoogd was bij mensen met depressieve klachten, het sterkste in de groep oudere vrouwen.
De resultaten van dit onderzoek zijn van belang voor het
verbeteren van de behandeling van patiënten met een hartziekte die tevens
depressieve klachten hebben. In bredere zin kunnen deze gegevens ook bijdragen
aan de preventie van hart- en vaatziekten in het algemeen. Alle deelnemers aan
het onderzoek worden nogmaals hartelijk bedankt voor hun inzet. Zij ontvangen
binnenkort een uitgebreidere
wetenschappelijke samenvatting van de resultaten van het onderzoek.