De erfelijkheid van de twee-eiige tweelingzwangerschap

 

Onderzoekers:

prof dr Dorret Boomsma, drs Chantal Hoekstra, Angelique van Bruggen

 

Veel mensen weten uit hun eigen omgeving dat het krijgen van tweelingen in sommige families meer voorkomt dan in andere. Uit eerder onderzoek in onder meer Nederland, België en Australië is gebleken dat het krijgen van twee-eiige tweelingen erfelijk is. De grote vraag is nu welk gen (of genen) hiervoor verantwoordelijk is.

 

Dat zouden bijvoorbeeld genen  kunnen zijn die een rol spelen bij het regelen van de hormoonhuishouding (geslachtshormonen zoals het Luteïniserend Hormoon (LH) en het Follikel Stimulerend Hormoon (FSH)). Deze hormonen zorgen ervoor dat een eicel rijpt en dat er een eisprong plaats vindt, zodat de eicel bevrucht kan worden.

 

Wanneer er veel van het hormoon FSH in het bloed aanwezig is kunnen er in plaats van één eicel, twee (of meer) eicellen rijpen. Met de eisprong komen er dan twee eicellen vrij. Als deze beiden bevrucht worden spreken we van een twee-eiige tweeling zwangerschap.

 

 

In samenwerking met het Queensland Institute of Medical Research (een wetenschappelijk instituut in Australië), onderzoeken wij welk gen verantwoordelijk is voor het krijgen van twee-eiige tweelingen. Zowel in Australië als in Nederland vragen wij zussen die beide een twee-eiige tweeling hebben aan het onderzoek mee te doen, omdat zij vermoedelijk beide drager zijn van het gen of de genen waarwaar naar wordt gezocht. Dit gen kan overgeërfd worden van moeder op dochter maar ook van vader op dochter. Het is daarom voor het onderzoek erg belangrijk dat we ook naar de genen van de ouders van de zussen kijken.

 

Door mee te werken levert u een belangrijke bijdrage aan het wetenschappelijke onderzoek naar de oorzaken van vruchtbaarheid en onvruchtbaarheid bij vrouwen. Misschien kunnen we met deze kennis zelfs ooit onvruchtbaarheid behandelen.

 

Afgelopen januari 2004 is er een eerste onderzoek uitgevoerd bij 23 tweeling families, om te bepalen of een dergelijke studie mogelijk is in Nederland. In de poster hieronder kunt u zien hoe de studie is opgezet en wat de resultaten zijn. Deze poster is gepresenteerd op de meerlingendag 16 mei 2004.

 

Voor het vervolg van de studie hebben de medewerking van zoveel mogelijk moeders van tweelingen die een zus hebben met een tweeling, en hun ouders hard nodig. Dit geldt zowel voor mensen die al eerder meegedaan hebben als voor mensen die voor het eerst meedoen.

 

Wilt u meer weten over dit project neem dan contact met ons op via het NTR secretariaat.